Champagne: hoe maken ze dat eigenlijk?


Altijd al willen weten hoe Champagne gemaakt wordt? Hoe krijgen ze die heerlijke bubbel toch in de wijn? Het proces om Champagne te maken heet méthode traditionnelle. Ga er een paar minuutjes voor zitten, dan leggen we je het stap voor stap uit in deze wijnblog!


Het perfecte druivensap

Het maken van Champagne begint natuurlijk in de wijngaarden van de Champagnestreek in Frankrijk. Daar groeien de druiven die hun perfecte sap leveren voor deze goddelijke drank. Er zijn in totaal zeven druivensoorten die gebruikt mogen worden voor Champagne, waarvan er drie heel belangrijk zijn. Dit zijn chardonnay, pinot noir en pinot meunier. De andere vier druiven (pinot blanc, arbane, petit meslier en pinot gris) zul je nauwelijks tegenkomen.



Ik hoor je denken: ‘pinot noir is toch rode wijn?’ Dat klopt! Pinot noir is een blauwe druif waar in andere streken, zoals de Elzas en Bourgogne, rode wijn van wordt gemaakt. Blauwe druiven hebben wit sap, dus je kunt er ook witte wijn van maken. Nadat de druiven met de hand zijn geplukt, worden ze voorzichtig geperst en wordt het sap direct van de schillen gescheiden. Op deze manier komt er geen rode kleurstof uit de schil in het sap terecht.


Wijn als basis voor de Champagne

De Champagnemaker heeft nu wit druivensap waar wijn van gemaakt wordt. Dit sap gaat in roestvrijstalen tanks. In iedere tank komt het sap van één druivensoort, deze worden dus nog niet gemengd (blending). Aan het sap wordt gist toegevoegd. Gist zorgt ervoor dat de suikers in het sap omgezet worden in alcohol en CO2 (alcoholische fermentatie). De bubbels die nu ontstaan verdwijnen echter weer uit de wijn. Je krijgt nu ‘normale’ wijn van chardonnay, pinot noir of pinot meunier.


Deze wijnen zijn de basis voor de Champagne. Om de beste ‘blend’ te maken experimenteert en proeft de Champagnemaker de verschillende mogelijke combinaties door deze wijnen in afwisselende verhoudingen met elkaar te mengen. Hierbij gebruikt hij ook wijn uit eerdere jaren. Oneindig veel combinaties dus die geproefd moeten worden; vervelende baan 😉. Wanneer de perfecte combinatie is gevonden wordt de wijn gemengd (de assemblage) en gaat deze wijn in de Champagneflessen. Hieraan wordt nog een mengsel van suiker en gist (liqueur de tirage) toegevoegd voordat de fles wordt afgesloten. Dit gebeurt niet gelijk met een echte kurk, maar met een kroonkurk (bierdopje), zoals je hieronder op de foto's ziet.



Leuk feitje: bij Champagne staat er, in tegenstelling tot andere wijn, meestal geen jaartal op de fles. Dit komt doordat er ook wijnen uit voorgaande jaren in de blend zitten. Bij uitzonderlijk goede jaren kan de Champagnemaker ervoor kiezen om alleen wijn van dat jaar te gebruiken. Alleen dan mag er een jaartal op de fles staan. Dit heet een millésime of vintage Champagne.


Tot rust komen in de kelder

De flessen zijn nu klaar om de kelder in te gaan. Hier blijven ze voorlopig wel een tijdje (zie de foto's hierboven). Volgens de regel van de wet moeten de flessen minimaal 15 maanden in de kelder blijven. Bij een vintage Champagne is dit zelfs 3 jaar. Dit is uiteraard niet voor niets. Deze tijd is nodig om een goede Champagne te krijgen met mooie bubbels. In de fles zorgt het toegevoegde gist en suiker ervoor dat de beroemde bubbels ontstaan (tweede fermentatie). Omdat de fles afgesloten is komen de bubbels in de wijn en blijven de gistcellen in de fles. De gistcellen geven de bijzondere Champagnesmaak aan de wijn. Veel grote Champagnehuizen halen de Champagne na 15 maanden gelijk uit de kelder. Het kost immers geld om de Champagne langer te laten liggen. Er zijn ook Champagnemakers die ervoor kiezen om de Champagne nog langer op de gist (sur lie) te laten rijpen. De Champagne wordt hierdoor rijker van smaak en complexer.



Finishing touch

Als de flessen uit de kelder mogen moeten er nog een aantal dingen gebeuren om ervoor te zorgen dat ze verkocht kunnen worden. Als eerste moet de overgebleven gist uit de fles worden gehaald. Om dit makkelijker te maken zorgen ze er eerst voor dat het gist in de hals van de fles terecht komt. Voor de ouderwetse methode houdt dat in dat de flessen iedere dag, 6 weken lang, handmatig beetje bij beetje omhoog gedraaid worden in een pupitre (deze zie je op de linker foto hierboven). Dit proces heet remuage. Tegenwoordig zijn er (gelukkig) ook machines die dit proces makkelijker maken. Wanneer de gist in de hals van de fles gezakt is, wordt de hals van de fles, en daarmee de gistprop bevroren. De kroonkurk gaat eraf en door de druk schiet de bevroren prop gist eruit (dégorgement). Een mengsel van suiker en wijn (liqueur d'expédition) wordt toegevoegd om de zoetheid van de Champagne te bepalen. Kurk erop, een mooi etiket en klaar is kees! De Champagne is nu klaar om verkocht te worden en voor je het weet heb jij hem in je handen om iets te vieren (of om er gewoon van te genieten)! Let's pop that bottle!!



Wijnreistips Champagnestreek

Heb je zin gekregen om naar de Champagnestreek toe te gaan en het zelf te ervaren en proeven? Lees dan onze wijnreistips voor de Champagnestreek hier.

  • Black Pinterest Icon
  • Black Facebook Icon
  • Black Instagram Icon

Contact? 

proost@lekkerwijnig.nl
06-48206233
Copyright 2018 Lekker Wijnig - Rotterdam
KvK-nummer 66894689
Privacyverklaring